Maandelijks archief: november 2017

Ergens op een geheime locatie liggen, heel diep op de bodem van een oceaan, vele, vele – soort van metalen – cocons, met in elk daarvan het lichaam van een buitenaards wezen. Deze wezens zijn in een diepe slaap gebracht en zullen ontwaken op het moment dat ze nodig zijn om alles op de Aarde weer tot nieuw leven te wekken. Deze ‘slapende’ wezens in hun cocons worden ook wel ‘Het Liefdesleger’ genoemd.

Deze wezens hebben hun lichamen op de oceaanbodem tijdelijk verlaten, maar zullen daar weer in terugkeren wanneer voor hen de tijd rijp is om in actie te komen op de Aarde. Dit alles doen zij vrijwillig omdat ze zo veel van de Aarde houden (dat komt doordat hun oorsprong op de Aarde lag). Deze buitenaardsen zijn miljoenen jaren oud, maar weten ‘door de tijden heen te reizen’, waardoor ze nooit ouder worden.

‘In den beginne’ hebben deze buitenaardsen meegewerkt aan de voorbereidingen om de eerste ‘gecreëerde mensen’ op planeet Aarde te laten leven, waarna ze die prille beschavingen nog een periode hebben begeleid bij hun eerste schreden op deze nieuwe, jonge planeet (de buitenaardsen werden door die primitieve volkeren vaak als ‘Goden’ gezien en onthaald).

Ná die begeleidingsperiode moesten de Aardse mensen het verder zonder de hulp van buitenaardsen doen, omdat de mensheid moest leren om zich – in haar eigen tempo en volgens haar eigen inzichten – verder te ontwikkelen.

Hetzelfde proces hebben de buitenaardsen ook gedaan op vele andere, nog jonge planeten in het Universum, en ook daar trokken ze zich terug op het moment waarop het door hen geschapen volk moest leren op eigen benen te staan (net zoals een ouder op een gegeven moment z’n kind ‘loslaat’ om zijn of haar eigen leven te leren leiden).

In de oceaan zijn vissen die de uitstraling kunnen voelen van de buitenaardse wezens die daar in hun cocon op de bodem liggen. Deze vissen weten ook hoe bijzonder deze wezens zijn, daarom bewaken zij de cocons, en dat doen zij ‘door de tijden heen’; steeds opnieuw nemen nieuwe, andere vissen de ‘bewaking’ van de cocons over van de vorige.

Ooit, op een dag, zullen de cocons van dit ‘Liefdesleger’ loskomen van de diepe oceaanbodem en naar boven drijven, opdat de buitenaardse wezens de taak op zich kunnen nemen waarvoor ze zijn uitverkoren!

Veel liefs, Ans

Een mooi, lief meisje voelde zich erg ongelukkig want haar verkering was uit en ze had ruzie met haar ouders. Ze had het gevoel alsof ze alleen maar negativiteit aantrok, en in een opwelling besloot ze om uit het leven te stappen.

Dit meisje geloofde niet in een leven na de dood, maar tot haar verwondering bevond ze zich opeens in een hele mooie omgeving waarin ze een prachtige vrouw – het leek wel een Engel – op zich af zag komen. Deze vrouw keek haar liefdevol aan en zei: ‘Welkom in Het Voorportaal van de Astrale WereldWat jammer dat jij de moeilijke levenslessen op de Aarde niet meer aankon. Kom met me mee, dan zal ik je laten zien wat jou nog te wachten stond als je op de Aarde was gebleven.’

Als in een film kreeg de jonge vrouw te zien hoe zij tijdens haar Aardse leven zou afstuderen, en hoe gelukkig ze zou worden met een andere, nieuwe liefde, met wie ze twee prachtige kinderen zou krijgen. Het meisje kreeg nu ook meer inzicht in de bedoeling van de Aardse ‘levenslessen’ – die vervelende gebeurtenissen – die op een ieders levenspad kunnen komen.

Na het tonen van deze beelden zei de prachtige vrouw tegen het meisje: ‘Dit alles kan of zal je onthouden worden als je niet meer op de Aarde bent.’ Maar op dat moment voelde het meisje hoe zij achterwaarts naar de Aarde werd teruggetrokken, en even later werd zij wakker in een ziekenhuisbed, omringd door haar Aardse geliefden. Die waren natuurlijk intens blij dat het meisje haar ogen opende en dus haar zelfmoordpoging had overleefd.

Het meisje omhelsde hen allemaal, en zijzelf was ook heel erg blij. Niet alleen omdat ze haar dierbaren om zich heen zag maar ook omdat ze nu wist hoe leerzaam en gelukkig haar verdere leven op Aarde zou verlopen, want dát was wat ze in Het Voorportaal van de Astrale Wereld alvast heeft mogen zien.

Veel liefs, Ans

Een oude weduwnaar voelde zich al lange tijd erg eenzaam. Hij had weinig plezier meer in z’n leven en kwam nauwelijks z’n huisje nog uit. Maar op een dag – en dat was best vreemd – voelde hij opeens een sterke drang om een stukje te gaan fietsen. De oude man had geen idee waarom of waarheen hij wou fietsen, maar het leek wel of hij werd voortgestuwd, en zonder er verder bij na te denken fietste hij z’n dorp uit richting de polder.

Opeens zag hij verderop een oude vrouw in het gras langs de kant van de weg zitten, en het zag er naar uit dat ze was gevallen. Toen de man dichterbij kwam zag hij tot z’n schrik dat het de vrouw was waar hij z’n leven lang verdriet om had gehad. Het liefst draaide hij nu om en fietste hij terug, maar dat kon niet meer want de vrouw op de grond had hem al gezien en wenkte hem.

Vertwijfeld vroeg de man zich af waarom hij juist háár hier moest tegenkomen?! In z’n jonge jaren had hij heel lang verkering met deze vrouw gehad, en zij hielden erg veel van elkaar. Echter door een conflict – en hun beider koppigheid daarover – is hun relatie toen verbroken, en hoewel ze allebei in hetzelfde dorp woonden spraken ze elkaar daarna nooit meer.

Zowel de man als de vrouw trouwde later met een ander en kreeg kinderen. Maar de man was altijd aan déze vrouw – z’n eerste, grote liefde – blijven denken (zelfs als hij de liefde bedreef met z’n echtgenote dacht hij aan háár). En nu zat zij daar langs de weg in het gras!

Langzaam fietste de weduwnaar naar haar toe. De vrouw vertelde hem dat ze, tijdens het uitlaten van haar hondje, was gestruikeld en niet meer kon opstaan, waarop de man zijn fiets wegzette om haar te helpen. Gelukkig vielen haar verwondingen mee, dus hielp hij haar om weer op de been te komen. Op het moment dat de man haar optilde voelde hij een enorme emotie door zich heen gaan, want zijn liefde voor deze vrouw bleek nog steeds even sterk. Verward vanwege z’n eigen emoties zei hij met een brok in de keel: ‘Kom maar, ik breng je wel weer thuis.’

Natuurlijk had deze vrouw haar vroegere geliefde ook gelijk herkend, en omdat ze in hetzelfde dorp woonden wist ze hoe zijn leven was verlopen. Liefdevol keek ze hem aan en zei: ‘Waarom moesten wij beiden een ongelukkig leven leiden, zonder elkaar?’

Het lijkt wel of er ‘van boven was ingegrepen’, waardoor deze oude weduwnaar met z’n fiets op pad ging en naar de plek werd geleid waar zijn grote liefde hulpeloos in het gras zat. Dankzij deze ‘sturing’ hadden deze oude man en vrouw elkaar na jaren weer gevonden, en konden zij de rest van hun leven alsnog gelukkig samen zijn.

Weet dat Oude Liefde roest niet!

Veel liefs, Ans

Behulpzame fietser

Een man reed op zijn fiets naar huis. Het begon al donker te worden en het was guur weer. Deze man wist niet of hij de volgende week nog wel een dak boven z’n hoofd zou hebben. Hij had nl. een grote financiële schuld, en als hij die niet binnen een week kon betalen dan zou hij z’n huis worden uitgezet, en ook z’n inboedel zou dan per opbod worden verkocht.

De fietser zag een jonge man – die niet bepaald warm gekleed was – langs de kant van de weg staan. Deze jongeman hield de fietser staande en vroeg of hij met hem mee mocht rijden omdat hij naar een vriend wou die ernstig ziek was, maar dat hij zelf geen vervoer had. De man zag dat de jongen maar een dun overhemd aan had, daarom liet hij hem in de fietstas kijken, want daar moest nog een regenjas in zitten. ‘Pak die maar en trek hem aan, want anders word jij met dit gure weer ook nog ziek.’

Hij vroeg de jongen waar hij moest zijn, waarop die aangaf dat hij naar de Zeven Bomenweg moest. Dat was een flink stuk omrijden voor de man, maar dat vond hij niet erg. ‘Ik breng je wel hoor’ was zijn vriendelijke reactie, ‘spring maar achterop.’

Toen ze bij het huis van de zieke vriend waren aangekomen zei hij dat de jongeman de regenjas mocht houden, waarna hij nog een paar vissen – verpakt in een krant – uit z’n fietstas haalde (die had hij bij de visboer ‘verdient’ door hem te helpen). ‘Eten jij en je vriend daar maar goed van, opdat je vriend weer snel beter mag worden.’

De jongeman bedankte de goede man voor alles, waarna deze weer verder fietste naar z’n eigen huis. Daar deed hij de verwarming aan en ging hij op z’n gemak de overgebleven vis bakken. De man voelde zich tevreden, want hij had die avond iemand kunnen helpen.

Niet veel later brak de dag aan dat de man, vanwege z’n schulden, z’n huis moest verlaten. Hij had geen flauw idee waar hij naartoe kon gaan, want hij had geen familie of vrienden waar hij bij in kon wonen. Maar toen viel er een brief van de woninginstantie door de brievenbus?! In die brief vroegen ze duizendmaal excuses, want ….’ze hadden een fout gemaakt bij de berekening’. Z’n schulden waren per direct kwijtgescholden, en hij mocht dus toch in z’n huis blijven wonen. De man was natuurlijk intens gelukkig met dit goede nieuws, maar hij heeft nooit begrepen hoe dit zo heeft kunnen gebeuren.

Mijn moeder zei altijd: ‘Help de andere mens; geef hem te eten en te drinken, want het kan zo maar zijn dat je een Engel helpt of herbergt.’  Ja, soms worden wij als mens – net als deze fietser – op de proef gesteld of geholpen door een Engel.

Veel liefs, Ans

Het geheime genootschap

Niet zo lang geleden zag ik het volgende beeld: Ergens op een geheime, afgelegen open plek in de natuur staat een groot altaar, met op de achtergrond een enorm groot huis. Op dat altaar ligt een prachtige jonge, hoogzwangere vrouw. Zij is door een zeer geheim broederschap uitgekozen vanwege haar schoonheid, en 9 maanden daarvoor kunstmatig bevrucht met het zaad van één van de allergrootste geleerden van de Aarde. Het broederschap verwacht dat de combinatie van deze mooie vrouw en de geleerde een mooi en intelligent nieuw kind/ras voort zal brengen.

Rondom het altaar met de zwangere vrouw staan leden van dit zeer geheime genootschap. Zij voeren diverse rituelen uit waarbij zij intelligenties uitnodigen om het lichaam van de hoogzwangere vrouw binnen te gaan. En ja, plotseling zien ze dat een energie het lichaam van de vrouw binnentreedt.

Na de geboorte van de baby – het was een jongetje – werd het weggenomen van de moeder om op te groeien en opgeleid te worden bij het geheime genootschap. Het was een prachtig jongetje, maar wat de leraren en begeleiders ook probeerden, het kind was alles behalve intelligent en kon absoluut niet leren. Daar begrepen de mensen van het geheime broederschap helemaal niets van, want z’n moeder was toch bevrucht met het zaad van een zeer intelligent man?!

Weet echter, dat intelligentie in 80 % van de gevallen door de moeder wordt doorgegeven …. en dat is iets waar dit geheime broederschap (nog) geen weet van had.

Veel liefs, Ans