In een dorpje langs een rivier leefde een primitief volk dat voor hun voedsel grotendeels afhankelijk was van de visvangst, maar doordat het water van hun rivier ernstig was vervuild was er te weinig vis en leden alle dorpelingen honger.

Op een dag gingen twee van hen weer een poging wagen om wat vis te vangen. Ze gooiden hun netten uit en tot hun verbazing vingen zij één enorm grote vis die zó groot was dat ze hem amper met z’n tweeën konden tillen. De twee mannen waren natuurlijk heel blij want met deze grote vis konden ze hun hele dorp van eten voorzien.

Echter, op het moment dat ze de vis vast hadden hoorden beide mannen hem het volgende tot hen spreken: ‘Laat mij gaan ….. zet mij terug in het water en ik zal jullie daarvoor belonen.
Het water van jullie rivier zal gereinigd worden, waardoor er weer zoveel vis in terug zal keren dat jullie nooit meer honger zullen lijden.’ Vol ongeloof, maar ook enigszins angstig zetten de mannen de grote vis terug in het water.

Eenmaal teruggekeerd in hun dorp vertelden ze wat hen die ochtend was overkomen. Hun dorpsgenoten geloofden er niets van en werden vreselijk boos om dat onzinverhaal, want zij hadden honger, en ze vonden het een doodzonde dat de twee mannen die grote vis hadden teruggezet in de rivier.

Het vreemde was dat vanaf dat moment alle dorpelingen geen honger meer hadden; ze voelden allemaal een soort van energieën om zich heen die hen tijdelijk schenen te voeden?!

Na verloop van tijd werd het water van de rivier inderdaad schoner en ontstond er een overvloed aan vissen. De dorpelingen waren ontzettend blij en, bij nader inzien, begonnen ze het verhaal van de vissers – over de grote vis die tot hen had gesproken – tóch te geloven.

Weet dat er buitenaardsen zijn die zich – om de mens geen schrik aan te jagen – in een andere hoedanigheid kunnen manifesteren. In het geval hierboven was dat dus in de vorm van een grote vis.
Deze buitenaardse ‘vis’ zorgde voor schoon water en een overvloed aan eten voor de dorpelingen, maar hij leerde hen ook dat de wonderen deze wereld echt nog niet uit zijn!

Veel liefs, Ans