Rondetafel conferentie

Rondetafel conferentie

De meeste mensen treden ‘s nachts, tijdens hun slaap, uit hun lichaam.

Zij maken dan astrale reizen om te leren van de gebeurtenissen tijdens die reizen. Het is jammer dat de meesten van hen zich dat (nog) niet kunnen herinneren.

Op een nacht stond ik, tijdens een uittreding of astrale reis, in een voor mij onbekende omgeving; ik bevond mij in een mooie ruimte in een ruimteschip. In het midden van die ruimte stond een grote, ronde tafel, waaraan vele soorten buitenaardse wezens zaten. Ik zag ook meerdere ‘aardse mensen’ aan dezelfde ronde tafel zitten, en ook ik mocht aanschuiven.

De Wezens spraken allemaal in een andere taal, maar ik hoorde en verstond hen gewoon in mijn eigen taal. Tijdens de conferentie kon het er heftig aan toe gaan, maar er werden ook zeer wijze woorden gesproken.

De Wezens spraken over onze Aarde; over de dingen die al vaststaan te gebeuren, zoals de vele natuurrampen.

Maar de Wezens bespraken ook dat de mensheid zo langzaam ‘ontwaakt’, en dat er vele dingen op de Aarde anders en beter ingevuld moeten worden.

De Wezens keken de Aardmensen één voor één aan en zeiden: ‘Beseffen jullie allemaal dat wij nu teruggereisd zijn naar het verleden? Wij komen dus, zoals jullie begrijpen, uit de toekomst’.

Ik hoorde de Wezens spreken over de heerschappij op de Aarde en hoe die vervangen zou moeten worden. Ze hadden het er over om een ‘ruimte in de tijd’ te creëeren, maar maakten ook duidelijk dat ze niet in mochten grijpen in het verleden van de Aarde; de tijd waarin de mensheid nú zit. Ze zeiden ‘Wij mogen niet ingrijpen omdat de toekomst er door kan veranderen, en dat is niet altijd positief.’

Ik hoorde hun gesprekken aan en vond het geweldig om te ervaren dat deze Wezens zoveel zorg hebben om de Aarde, maar ook om hun eigen veiligheid. En wij, de Aardse mensen die daar aanwezig mochten zijn, deden niet mee aan hun gesprekken, wij waren alleen maar toehoorders.

De Wezens speelden ook in op onze gedachten en zorgen die wij, de Aardse aanwezigen, uitzonden.

Ze zeiden ‘Wij weten hoe moeilijk deze tijd voor U allen is, maar jullie hebben dit van te voren allemaal al geweten en zélf voor deze moeilijke taak gekozen. Weet dat iedere ‘overgang’ gepaard gaat met vele veranderingen!
Maar weet ook dat Wij met U allen zijn ……… Voel en begrijp dit.’

En met deze wetenschap werd ik ‘s morgens weer wakker.

Veel liefs, Ans